Schenken, erven en nalaten: wat weet u ervan?

De juiste antwoorden

In de zomereditie 2020 van Goed Geregeld! staan 12 vragen waarmee u uw parate kennis kunt testen op het gebied van erven, schenken en nalaten. (Voor wie het artikel nog eens wil lezen, bekijk hier de pdf).

Hieronder de juiste antwoorden:

  1. D – Zijn kleinkinderen
    De kleinkinderen behoren samen met de partner en de kinderen tot groep 1 van de erfgenamen. Ze staan dus vooraan in de rij bij het verdelen van een erfenis.
    Erfgenamen worden verdeeld in vier groepen: groep 1 (echtgenoot, kinderen, kleinkinderen), groep 2 (ouders, broers en zussen), groep 3 (grootouders), groep 4 (overgrootouders). Steeds als er in een groep niemand is, komt de volgende groep aan bod.
  2. D – De Staat
    Als uit de genoemde vier groepen van erfgenamen niemand meer in leven is of niemand meer gevonden kan worden, dan benoemt de rechtbank een vereffenaar, die de boedel afwikkelt. Blijft daarbij nog wat over, dan gaat dit naar het ministerie van Financiën. Daar kunnen eventuele rechthebbenden zich nog twintig jaar melden; daarna gaat alles definitief naar de Staat. Om dat te voorkomen, kan men in een testament zelf een bestemming voor zijn erfenis aanwijzen, bijvoorbeeld een of meer goede doelen.
  3. A – 16 jaar
    Iemand die jonger is dan 16 jaar kan overigens ook een testament maken als hij of zij getrouwd is.
  4. B – De kantonrechter
    De rechter benoemt een voogd; meestal zal hij dit doen in overleg met familieleden.
  5. C – Het doen van aangifte erfbelasting
    Hoewel het regelmatig voorkomt dat een notaris bij het afwikkelen van de erfenis ook de belastingaangifte doet, is dit niet wettelijk voorgeschreven. U kunt dat ook zelf doen.
  6. B – Wie de erfgenamen zijn van een overledene
    Een verklaring van erfrecht is een verklaring waarin staat wie de erfgenamen zijn. Met de verklaring van erfrecht kunnen de erfgenamen aantonen dat zij recht hebben op het banktegoed van de overledene. De bank vertelt in welke gevallen een verklaring van erfrecht nodig is.
    Een verklaring van erfrecht is niet altijd nodig. Bij kleine bedragen eisen sommige banken geen verklaring. Sinds januari 2012 verlangen banken geen verklaring van erfrecht meer als: er sprake is van een huwelijk of geregistreerd partnerschap, er geen testament is en er niet meer dan 100.000 euro op de rekening staat.
  7. D – Dat bepaalt uzelf in uw testament
    Een executeur regelt (een deel van) de nalatenschap. Dat kan de notaris zijn, maar ook een familielid of een goed doel. De bevoegdheden van de executeur worden vastgelegd in het testament. Een erflater kan meerdere executeurs aanwijzen, bijvoorbeeld een voor het organiseren van de begrafenis en een voor het afwikkelen van de nalatenschap.
  8. C – Bepaling in een testament waarbij een geldbedrag, een goed of een recht aan iemand wordt nagelaten
    U kunt bepaalde goederen, een som geld of een gebruiksrecht aan iemand of een goed doel nalaten. Dit heet een legaat. Degene die het legaat krijgt is de legataris. De erfgenamen zijn verplicht het legaat te geven aan de legataris. Het legaat wordt dus betaald vanuit de erfenis. Wilt u iets legateren, dan neemt u een legaat op in uw testament.
    Een legaat van bepaalde goederen hoeft u niet per se in een testament vast te leggen. Het legateren van bijvoorbeeld meubels, sieraden of kleren kan ook met een codicil. Dit codicil moet u met de hand schrijven, dateren en ondertekenen. Daarbij moet u alles nauwkeurig omschrijven. Een codicil is ook geschikt voor instructies voor uw begrafenis of crematie.
  9. B – De helft van het bedrag dat een kind gekregen zou hebben als u geen testament had gemaakt
    Het gaat hier overigens om een recht dat geclaimd moet worden door de betrokkene, binnen een periode van vijf jaar naar het overlijden.
  10. A – Niets
    Een erfgenaam hoeft alleen erfbelasting te betalen als hij meer erft dan het vrijgestelde bedrag. Voor een echtgenoot of partner geldt een vrijstelling van ruim 660.000 euro; in dit geval valt de totale erfenis dus binnen de vrijstelling.
  11. D – Niets
    Organisaties voor goede doelen die zijn erkend als Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI) zijn volledig vrijgesteld van schenkbelasting en erfbelasting. Een ANBI is een kerkelijke, levensbeschouwelijke, charitatieve, culturele, wetenschappelijke of andere instelling die het algemeen belang dient. Deze organisaties hoeven geen schenkbelasting te betalen over uw gift of over uitkeringen die zij in het algemeen belang doen. Ook betalen ze geen erfbelasting over ontvangen erfenissen. Een overzicht van ANBI-instellingen vindt u op de website van de Belastingdienst.
  12. D – 384 euro
    Op grond van de wet mag deze gift aan een cultureel goed doel voor 125 procent worden afgetrokken van uw belastbaar inkomen: in plaats van 1.000 euro is dus 1.250 euro het aftrekbare bedrag. Zodoende komt het belastingvoordeel op 50,75 procent van 1.250 euro = 615,62 euro. Van de gift van 1.000 euro betaalt u dus feitelijk circa 384 euro zelf, de rest komt voor rekening van de fiscus.